Skip to content

The Girl Who Drank the Moon (Kelly Barnhill)

Anna (17) las “The Girl Who Drank the Moon” van Kelly Barnhill:

In een klein dorpje verhult in mist, worden al jaren verhalen verteld over het gevaarlijke bos naast het dorp en de kwaadaardige heks die in dit bos zou wonen. De bewoners van het dorp zijn zo bang dat ze elk jaar een baby opofferen zodat de heks hen de rest van het jaar met rust laat. Diep in het bos woont inderdaad een heks, ze reist vaak naar de grote steden om iedereen te helpen die ze kan. Samen met een moerasbeest en Fryan, de kleine draak, woont ze in een schattig huisje in het bos. Iedereen houdt van de heks Xan. Ze is goedaardig en weigert nooit een goede daad. Als ze erachter komt dat er elk jaar een baby, aan zijn lot overgelaten, in het bos wordt gelegd, kan Xan niks anders doen dan het kindje redden en een liefdevolle familie geven in één van de grote steden.

Dit jaar redt Xan weer een baby. Maar op de terugweg naar haar huisje voedt ze het hongerige kindje per ongeluk maanlicht in plaats van sterrenlicht. Maanlicht zit vol magie waardoor de baby nu krachtige magie bezit. Xan besluit de baby die ze Luna noemt, zelf op te voeden en les te geven over magie. Maar dit is lastiger dan ze dacht en door een mislukte spreuk weet Luna tot haar dertiende verjaardag niet eens dat magie bestaat. Als haar dertiende verjaardag nadert begint de krachtige magie van Luna tevoorschijn te komen, en haar magie kan alles gaan veranderen voor Xan en de bewoners in het dorp in de mist…

“But then you were enmagicked. I didn’t mean to, darling; it was an accident, but it couldn’t be undone. And I loved you. I loved you so much. And that couldn’t be undone either.”

Dit boek gaat niet alleen over magie, het gaat over familie: Luna verliest haar familie, en haar familie verliest Luna. Haar moeder vindt dit zo erg dat ze er gek van wordt, maar ze hoopt dat ze Luna ooit nog terug zal zien. In het dorp start een jongen een familie, hij heeft eindelijk iemand gevonden van wie hij houdt. In dit soort sprookjesverhalen staat het avontuur meestal centraal, maar dit verhaal ging meer over de relaties tussen de personen en het opgroeien en ouder worden. Er wordt veel omschreven op een soort gedichtachtige manier.

“It’s all the same. Don’t you see? The Beast, the Bog the Poem, the Poet, the world. They all love you. They’ve loved you this whole time. Will you come with me?”

Het begin van het boek vond ik best heftig.

From the rafters above them, a woman screeched and howled as the Elders entered the house. Her shiny black hair flew about her head like a nest of long, writhing snakes. She hissed and spat like a cornered animal. She clung to the ceiling beams with one arm and one leg, while holding a baby against her breast with the other arm.
“GET OUT!” she screamed. “You cannot have her.“

Ik vond het een magisch, mooi verhaal met hartverwarmende personages en fantasierijke wezens.